Laden

Vertalingen [35]

De Grootste Zegeningen

‘Eens verbleef de Verhevene in Savatthi in het Jetavana, in het klooster dat gebouwd was door Anathapindika.

Toen de nacht al ver gevorderd was, zette een deva van een stralende schoonheid het hele Jetavana-park in volle licht en naderde de Verhevene. Eenmaal bij de Boeddha aangekomen, groette de deva eerbiedig en ging zijwaarts naast Hem staan. Toen de deva naast de Verhevene stond, richtte hij zich tot de Verhevene met volgende woorden:

“Vele devas en mensen
die naar geluk verlangen
vragen zich af wat de grootste zegeningen zijn.
Zeg ons wat de grootste zegeningen zijn !”

de Boeddha:
“Niet omgaan met dwazen;
je associëren met wijze mensen;
énkel eerbied betuigen aan
hen die het verdienen—
dit alles geeft de hoogste zegening.

In een beschaafde omgeving leven;
verdiensten uit het verleden bezitten;
en jezelf op het rechte spoor houden—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Geleerdheid, vakmanschap;
goed ethisch gedrag;
de juiste woorden gebruiken—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Zorgen voor de ouders;
vrouw en kinderen ondersteunen;
een vreedzaam beroep uitoefenen—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Aalmoezen geven, rechtlijnig leven;
hulp verlenen aan verwanten;
onberispelijk handelen—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Zich onthouden van het kwade;
geen geestverruimende middelen gebruiken;
alert en aandachtig zijn—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Respect, nederigheid;
tevredenheid en dankbaarheid;
en voortdurend de Dhamma bestuderen—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Zelfbeheersing, het heilige leven leiden;
de Vier Edele Waarheden penetreren;
nibbana realiseren—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Een geest bezitten die onbewogen blijft;
zonder verdriet is, smetteloos en vredig
in het contact met de wereld—
dit alles geeft de hoogste zegening.

Op deze manier handelend,
zal men in alle omstandigheden zegevieren
en overal geluk ondervinden—
dit alles geeft de hoogste zegening.”’

Commentaren [0]